Toekomst onzeker, veel factoren van invloed

Hoe de verspreiding van SARS-CoV-2 zich in Nederland het komende jaar gaat ontwikkelen is nog niet bekend. Meerdere factoren zijn hierop van invloed. Het is onbekend hoe het virus zich gedraagt over de seizoenen en of het zich in de loop van de tijd aanpast. Verder weten we niet welke maatregelen de overheid in de toekomst zal gaan inzetten om het virus te beheersen. Ook de effectiviteit van de maatregelen en in hoeverre mensen zich eraan houden is van belang. Daarnaast is het nog niet zeker in welke mate een doorgemaakte infectie leidt tot immuniteit. Tot slot is de effectiviteit van een eventueel vaccin of medicijn een onzekere factor.

Drie scenario’s

Al deze factoren tezamen beschouwend, hebben we een drietal mogelijke scenario’s opgesteld, die een bandbreedte weergeven van mogelijke toekomstige ontwikkelingen.

  • Veenbrand: kleine regionale oplevingen, maar zonder duidelijk patroon. Het patroon kan per regio verschillen, en hangt af van (naleving van) de basismaatregelen. Invoeren van grootschalige maatregelen is niet nodig en reguliere zorg hoeft niet te worden afgeschaald.
  • Pieken en dalen: Twee keer per jaar een piek, maar deze pieken zijn lager dan de eerste golf. Het patroon kan per regio verschillen, en hangt af van (naleving van) de basismaatregelen. Maatregelen worden tijdelijk opgeschaald, eventueel regionaal. De mate van opschaling hangt af van de grootte van de pieken. Reguliere zorg wordt kort en in beperkte mate afgeschaald.
  • Hoge golf: een hoge golf die begint in het najaar, vergelijkbaar met de eerste golf in 2020. Dit patroon is nationaal. Maatregelen worden voor langere tijd opgeschaald en reguliere zorg wordt langdurig afgeschaald. Het jaar erop volgen afwisselend oplevingen en pieken volgens de scenario’s veenbrand en pieken en dalen.

Deze scenario’s zijn gebaseerd op het CIDRAP overzicht (1). In deze scenario’s houden we nog geen rekening met een vaccin. De mogelijke impact van een vaccin duiden we los van de scenario’s (zie hieronder: Onzekerheden op de langere termijn, immuniteit en vaccinatie).

Uitwerking met behulp van een model

Bovenstaande scenario’s zijn uitgewerkt met een wiskundig transmissiemodel voor COVID-19. Als uitkomstmaat is gekozen voor het aantal ICIntensive care-opnames. Deze uitkomst bleek tijdens de eerste golf een goede indicator voor het verloop van de epidemie, omdat het niet afhankelijk is van wijzigingen in het testbeleid.

In het model gaan we in alle drie de scenario’s uit van de volgende invoergegevens:

  • De aangenomen uitgangssituatie is een stabiel niveau van 5 IC-opnames per dag.
  • Een ligduur op de IC van 19 dagen per opname (vergelijkbaar met ligduur eerste golf (2)).
  • Ingrijpen bij grenswaarde van 10 IC-opnames per dag (gelijk aan signaalwaarde dashboard rijksoverheid (3)).
  • Duur tussen overschrijden grenswaarde en ingrijpen is 3 dagen (dashboard rijksoverheid rekent met driedaagse gemiddeldes voor IC-opnames (3)).

Het belangrijkste verschil tussen de scenario’s is het reproductiegetal R. Dit staat voor het gemiddeld aantal mensen dat door een geïnfecteerd persoon wordt besmet. Als het R-getal boven de 1 is, neemt het aantal besmettingen toe. In het scenario ‘veenbrand’ gaan we uit van een R-getal van 1,3 tijdens een opleving. In het scenario ‘pieken en dalen’ van een R-getal van 1,5 tijdens een piek. En in het scenario ‘hoge golf’ van een R-getal van 1,8 tijdens de golf. Vanwege de basismaatregelen zijn de aangenomen R-getallen lager dan de R0 van SARS-CoV-2. De R0 is het reproductiegetal zonder maatregelen of immuniteit, en is geschat op gemiddeld 2,5 (4).

Bij het scenario ‘veenbrand’ is de aanname dat de opleving maar twee weken duurt. Hierdoor wordt de drempelwaarde voor extra maatregelen bij 10 IC-opnames per dag niet overschreden. In het scenario ‘pieken en dalen’ daalt het R-getal na overschrijden van de drempelwaarde voor extra maatregelen naar 0,8. Als het R-getal onder de 1 is, neemt het aantal besmettingen af. In het scenario ‘hoge golf’ blijkt de verspreiding moelijker in te dammen en daalt het R-getal na overschrijden van de drempelwaarde voor maatregelen naar 0,9.

Tabel 1: Situatieschets en modelaannames voor drie scenario’s voor het verloop van oplevingen van het SARS-CoV-2 virus over een jaar met als weergegeven uitkomst het aantal IC-bedden bezet door COVID-19.

#

Scenario

Situatieschets 1 jaar

Modelinvoer

1

Veenbrand

Vier keer per jaar een kleine opleving

Elke opleving leidt twee weken lang tot een toename met R=1,3, daarna R=0,8.

2

Pieken en dalen

Twee keer per jaar een piek

Elke piek leidt tot een toename met R=1,5. Maatregelen invoeren bij 10 IC-opnames door COVID-19 per dag (met 3 dagen wachttijd tot implementatie), waarna R daalt naar 0,8.

3

Hoge golf

Grote golf die begint in het najaar, daarna twee keer per jaar afwisselend een kleine opleving of een piek.

Hoge golf leidt tot een toename met R = 1,8. Maatregelen invoeren bij 10 IC-opnames door COVID-19 per dag (met 3 dagen wachttijd tot implementatie), waarna R daalt naar 0,9. Vervolgens afwisselend oplevingen gelijk aan scenario 1 en pieken gelijk aan scenario 2.

R: reproductiegetal, IC: intensive care

Piek in IC-bezetting varieert van 150 tot 800 bedden in de drie scenario’s

De belangrijkste uitkomsten van de scenario’s zijn weergegeven in tabel 2. In het scenario ‘veenbrand’ (R=1,3 tijdens oplevingen) is de maximale IC-bezetting geschat op 150 bedden. Echter, een relatief kleine toename in R-waarde heeft grote gevolgen voor de maximale IC-bezetting. In het scenario ‘pieken en dalen’ (R=1,5 tijdens pieken) neemt de maximale IC-bezetting toe tot 400 bedden. Dit is ondanks het invoeren van maatregelen bij 10 nieuwe IC-opnames per dag. In het scenario ‘hoge golf’’ (R=1,8 tijdens de golf) neemt de maximale bezetting, ondanks de maatregelen, verder toe tot ongeveer 800 bedden.

Figuur 1: Uitkomsten van scenario analyse voor het verloop van het aantal intensive care (IC)-bedden bezet door COVID-19  over twee jaar. Bruine deel van de lijn betreft de eerste golf en is gebaseerd op data, oranje deel van de lijn is op basis van model met invoergegevens uit Tabel 1. 

ICIntensive care-bezetting belangrijk, maar ook andere indicatoren van belang

Naast de IC-bezetting zijn ook andere indicatoren van belang. Zo is de mate van afschaling van de reguliere zorg belangrijk. We gaan hierbij uit van een maximale reservecapaciteit van 200 IC-bedden (5). Dit zou betekenen dat bij de scenario’s ‘pieken en dalen’ en ‘hoge golf’, de reguliere ziekenhuiszorg moet worden afgeschaald voor respectievelijk 50 of zelfs 90 dagen. Tijdens de tweede golf is geprobeerd om de reguliere zorg zoveel mogelijk door te laten gaan. Het aandeel van ziekenhuispatiënten dat IC-zorg nodig had, was ook lager dan tijdens de eerste golf. Hierdoor lijkt tijdens de tweede golf de capaciteit van de verpleegbedden de beperkende factor te zijn in plaats van IC-bedden. Een hoog aantal COVID-19 gevallen leidt tot druk op alle zorgdomeinen, niet alleen vanwege zieke patiënten, maar ook door een hoger ziekteverzuim onder zorgmedewerkers. Veel zorg, zoals thuiszorg, verpleeghuiszorg en gehandicaptenzorg is echter niet af te schalen.

Tabel 2: Uitkomsten van de drie scenario’s voor maximale IC-bezetting door COVID-19 en mogelijke gevolgen voor de reguliere zorg tijdens hoogste piek.

Scenario

Schaal

Opschaling maatregelen tegen SARS-CoV-21

Maximale IC-bezetting door  COVID-19

IC-capaciteit creëren voor COVID-192

Duur afschaling reguliere zorg3

Veenbrand

Regionaal

Nee

150

Nee

0 dagen

Pieken en dalen

Regionaal / Landelijk

Ja

400

Ja

50 dagen

Hoge golf

Landelijk

Ja

800

Ja

90 dagen

1: aanname maatregelen bij 3 dagen boven grenswaarde van 10 IC-opnames per dag.
2: Uitgaande van een vrije capaciteit van 200 IC-bedden voor COVID-19 zorg.
3: De periode dat de IC-belasting zich tijdens de opleving boven de 200 IC-bedden bevindt.

Onzekerheden op de langere termijn, immuniteit en vaccinatie

Hoe verder we in de tijd kijken met de scenario’s, hoe groter de onzekerheid wordt. Op termijn kan coronamoeheid ontstaan. Dit kan ertoe leiden dat mensen de basismaatregelen om verspreiding van SARS-CoV-2 tegen te gaan minder goed opvolgen. Ook is de mate waarin mensen immuniteit op kunnen bouwen onzeker. Hier is nog relatief weinig kennis over. Het gaat dan bijvoorbeeld over de duur van de immuniteit en het type immuniteit (volledig immuun of slechts vermindering van symptomen maar wel besmettelijk voor andere personen).

Verder is nog veel onzeker over een vaccin. Vooral wanneer dat beschikbaar komt en voor wie. Hierbij is ook de effectiviteit en de bereidheid van vaccineren van belang. Door effectieve vaccinatie zal het aantal IC-opnames als beschreven in de drie scenario’s lager uit komen. Op termijn kunnen ze mogelijk zelfs naar nul gaan.