Veranderingen door coronamaatregelen

Door de coronamaatregelen zijn onze levens flink veranderd. Zo heeft het thuiswerken invloed op onze woon-werkmobiliteit en zitgedrag lijkt verder toegenomen terwijl we al Europees kampioen zitten waren (1,2). Het tijdelijk sluiten van sportscholen heeft ons sportgedrag behoorlijk beïnvloed, alhoewel we ook een sterke toename van andere sporten zagen, zoals hardlopen en fietsen. In de eerste weken na het ingaan van de coronamaatregelen zijn volwassenen minder gaan sporten. Waar in een ‘normale’ lente 13% helemaal niet sport, was dat tijdens de lockdown 18% (3). Ook ging men direct na de lockdown gemiddeld minder bewegen: 53% is minder gaan bewegen en 13% is meer gaan bewegen (4). Dat we minder bewegen, kan in combinatie met veranderde voedingspatronen tot een gemiddelde gewichtstoename leiden. Daarnaast is het rookgedrag veranderd. Ons alcoholgebruik, als derde determinant van het preventieakkoord, lijkt niet duidelijk veranderd te zijn. Deze ontwikkelingen zijn niet hetzelfde voor alle Nederlanders, en ook zijn ze niet altijd eenduidig. Het is bovendien de vraag hoe structureel deze veranderingen zijn. Zullen we bijvoorbeeld de extra kilo’s weer snel kwijtraken? Gaan we door de crisis meer of minder roken en drinken? De onzekerheid hierover is groot. We hebben daarom voor roken en overgewicht twee varianten doorgerekend, om te laten zien wat effecten van de coronacrisis zouden kunnen zijn. 

Roken is het meest van invloed op de levensverwachting

Naar schatting is het effect van de oversterfte tijdens de eerste golf een half jaar op de levensverwachting in 2020. Als we dit halve jaar volledig toeschrijven aan Sars-CoV-2 dan komt het op de zesde plek van belangrijkste determinanten. Het effect van roken op de levensverwachting is met 1,3 jaar het grootst. Maar ook ongezonde voeding, fijn stof, hoge bloeddruk en hoge bloedsuiker hebben meer effect op de levensverwachting dan Sars-CoV-2.

Grafiek Verlies van levensverwachting bij geboorte

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Bron: RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Stijging van roken door corona leidt tot meer sterfte

In de vragenlijst van de RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Corona Gedragsunit  is gevraagd aan respondenten in hoeverre hun rookgedrag is veranderd ten opzichte van de periode voor de coronamaatregelen. We zien dat er enkele maanden na de eerste golf iets minder rokers zijn, maar dat de rokers gemiddeld wel meer zijn gaan roken (4,5). Dat er minder rokers zijn zou kunnen komen doordat veel uitgaansgelegenheden tijdens de uitvraag nog dicht waren. Internationaal zien we eenzelfde beeld als in Nederland van iets minder rokers en rokers die meer zijn gaan roken. In België zien we echter een stijging van het percentage rokers in april 2020 vergeleken met 2018 terwijl in Duitsland het percentage rokers in het voorjaar en de zomer van 2020 hetzelfde is gebleven (6,7). Voor de langere termijn lijkt het aannemelijk dat de schade door roken (tijdelijk) groter zal worden. De uitgaansgelegenheden gingen na de eerste golf weer meer open, en ook de stress die de coronacrisis met zich meebrengt zal waarschijnlijk een negatief effect hebben op het percentage rokers  (8,9). 

In het Trendscenario  is berekend wat de sterfte door roken de komende 20 jaar zal zijn. Daarnaast hebben we twee coronavarianten doorgerekend.

  1. Gedurende 5 jaar (2021-2025) zijn er 1 procentpunt meer rokers.
  2. Voor alle komende jaren zijn er 1 procentpunt meer rokers. 

In deze rookvarianten zijn effecten van het preventieakkoord niet meegenomen. VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport streeft er met het preventieakkoord naar om het percentage rokers sneller te laten dalen. Daardoor kan het percentage rokers in de toekomst lager uitkomen dan in het Trendscenario. De ’varianten moeten dan ook niet als voorspellingen worden gezien, maar als mogelijke richtingen waar het naartoe kan gaan.

Door coronacrisis 200 tot 700 sterfgevallen door roken per jaar extra

In het Trendscenario daalt het percentage rokers van 22% in 2018 naar 14% in 2040. De sterfte door roken zal in de periode 2020-2030 stijgen van 19.500 naar bijna 20.400 en daarna dalen naar ongeveer 18.500 in 2040.

Als het percentage rokers gedurende 5 jaar (2021-2025) 1 procentpunt hoger ligt zal de sterfte door roken in totaal over de periode 2020-2040 bijna 3.500 hoger zijn (variant 1). De eerste jaren is de extra sterfte door roken licht hoger. In de periode 2025-2035 zien we ieder jaar ruim 200 extra sterfgevallen. Dat is dus in die periode ongeveer 1% meer sterfte door roken door de coronacrisis (zie figuur).

Als het percentage rokers gedurende alle jaren na 2020 1 procentpunt hoger ligt zal de sterfte door roken veel meer stijgen (variant 2). De eerste jaren is de extra sterfte door roken licht hoger maar dat loopt snel op naar ongeveer 700 extra sterftegevallen per jaar door de extra rokers. Dat is in 2040 bijna 4% extra sterfte door roken door de coronacrisis (zie figuur).

Percentage rokers (soms)

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Bron: CBSCentraal Bureau voor de Statistiek, RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Sterfte door roken

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Bron: RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Extra stijging van overgewicht leidt met name tot meer ziekte

Meer (over)gewicht door coronacrisis

In de vragenlijst van de RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Corona Gedragsunit  is gevraagd aan respondenten in hoeverre hun gewicht is veranderd ten opzichte van de periode voor de coronamaatregelen. Veel meer mensen gaven aan te zijn aangekomen dan te zijn afgevallen (zie tabel hieronder) (4). Dit komt mede doordat meer mensen thuiswerken en mensen gemiddeld minder zijn gaan bewegen (2,3) De verwachting is daarom dat het percentage mensen met overgewicht zal stijgen door de coronacrisis. In een aantal andere Europese landen zien we eenzelfde beeld als in Nederland. In Italië en Noorwegen is het percentage mensen dat (flink) zwaarder is geworden groter dan het percentage mensen dat is afgevallen (10,11). Op dit moment is het lastig om aan te geven hoe dit zich verder zal ontwikkelen in de komende jaren. Maar het is vaak niet makkelijk om de aangekomen kilo’s er weer af te krijgen. Daarom is het zeker niet onaannemelijk dat het percentage mensen met overgewicht elk jaar 1 procentpunt  hoger zal liggen door de coronacrisis dan op basis van het Trendscenario is beschreven.

Extra toename overgewicht leidt tot iets meer sterfte en mensen met overgewicht-gerelateerde ziekten

In het Trendscenario hebben we berekend  wat de sterfte door overgewicht de komende 20 jaar zal zijn. Om een indicatie te geven van het mogelijk effect op de sterfte, als het percentage mensen met overgewicht door de coronacrisis extra stijgt, zijn twee varianten doorgerekend.

  1. Het percentage mensen met overgewicht is in de periode 2021-2030 (10 jaar) één procentpunt hoger dan in het Trendscenario.
  2. Het percentage mensen met overgewicht is in de periode 2021-2040 (20 jaar) één procentpunt hoger dan in het Trendscenario.

De sterfte door overgewicht wordt in 2018 geschat op bijna 4.400. In het Trendscenario zal dit verder stijgen naar 5.100 in 2040. In variant 1 zal de sterfte iets hoger zijn. In 2035 is de verhoging dan met ongeveer 60 extra sterfgevallen het grootst. In variant 2 zal de sterfte door overgewicht ook hoger zijn dan in het Trendscenario. De verhoging loopt dan op tot ongeveer 100 extra gevallen in 2040.

Een ander gevolg van een toename van mensen met overgewicht is dat aandoeningen die gerelateerd zijn aan overgewicht ook zullen stijgen. Denk aan diabetes, coronaire hartziekten en beroerte. Deze ouderdomsziekten zouden tot 2040 al flink stijgen door de vergrijzing en kunnen door de toename van overgewicht nog verder stijgen. Voor diabetes betreft dit bijvoorbeeld enkele tienduizenden personen. Aangezien deze ziekten tot extra complicaties kunnen leiden bij het krijgen van COVID-19 is dit een zorgwekkende toename. 

Tabel: Percentage mensen dat tijdens de coronacrisis is afgevallen en is aangekomen (RIVM Corona Gedragsunit) (4)  

  Ik ben duidelijk afgevallen (meer dan 4 kg) Ik ben enigszins afgevallen (1 t/m 4 kg) Ik heb hetzelfde gewicht (tussen 1 kg afgevallen en 1 kg aangekomen) Ik ben enigszins aangekomen (1 t/m 4 kg) Ik ben duidelijk aangekomen (meer dan 4 kg) Weet ik niet
Man 3,9 13,6 54,7 21,1 3,0 3,7
Vrouw 4,2 10,7 47,9 28,5 4,4 4,3
M+V 4,1 11,9 50,6 25,6 3,8 4,0

Invloed van corona op alcoholgebruik en de gevolgen nog niet goed zichtbaar

Vooralsnog zijn er geen grote veranderingen zichtbaar in het gemiddeld alcoholgebruik in Nederland door de eerste golf van de pandemie. De verwachting is dat er onder de radar wel degelijk veranderingen zijn opgetreden maar dat we die nog niet goed in beeld hebben. Waarschijnlijk zijn bijvoorbeeld sommige groepen meer gaan drinken en sommige groepen minder gaan drinken. Verder is het lastig om de langetermijneffecten kort na de eerste golf van corona te beschrijven omdat die heel anders kunnen zijn dan de kortetermijneffecten. Hieronder staat meer informatie van het Trimbos-instituut over de stand van zaken omtrent het alcoholgebruik, en de mogelijke gevolgen van de eerste golf (12).

Alcoholgebruik verhoogt risico

Mensen die vaak en veel alcohol gebruiken lopen een groter gezondheidsrisico bij besmetting met het coronavirus. Overmatig en zwaar drinken, waaronder binge-drinken kan leiden tot een verslechterd functioneren van het immuunsysteem en een lagere weerstand met als mogelijk gevolg een ernstiger beloop van de infectieziekte. Verder hangt overmatig alcoholgebruik ook samen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en diabetes type 2. Dit zijn ziekten die geassocieerd zijn met een ernstiger verloop van COVID-19. Tenslotte kunnen door alcoholgebruik medicijnen minder goed werken en is er een grotere kans op negatieve bijwerkingen van medicijnen.

Gemiddeld alcoholgebruik vooralsnog niet veel anders

De gevolgen van de coronacrisis op het alcoholgebruik zijn nog grotendeels onbekend. Tijdens de eerste golf dronken de meeste mensen gemiddeld evenveel alcohol als voor de crisis. Achter dit gemiddelde gaan echter wel verschillende ontwikkelingen schuil. Aan de ene kant nam het alcoholgebruik af omdat mensen minder bij elkaar konden komen om iets te vieren. Ook sloten de uitgaansgelegenheden. Aan de andere kant gingen mensen meer drinken door meer stress, wegvallen van structuur, verveling en geen adequate hulp bij problemen met alcohol. Het alcoholgebruik van deze groep lijkt niet weer af te nemen na de eerste fase van de lockdown. Alhoewel de langetermijneffecten van de eerste fase van de coronacrisis nog onbekend zijn, kan op basis van eerder onderzoek verwacht worden dat door de toename in stress en eenzaamheid  het alcoholgebruik bij een gedeelte van de bevolking zal toenemen. Het is onzeker of en hoe een economische crisis, met minder geld te besteden en hogere werkeloosheid, dit gaat beïnvloeden.

Voor verschillende groepen andere effecten

Voor veel mensen is het doormaken van de coronacrisis een stressvolle tijd. De verwachting is dat bij een deel van die mensen alcohol een rol zal spelen in het omgaan met deze stress, en het alcoholgebruik dus kan toenemen. Denk bijvoorbeeld aan ouderen die in quarantaine moesten en zich daardoor eenzamer voelden. Of thuiswerkende ouders die door de combinatie van zorg, thuisonderwijs en hun eigen werk extra stress hadden. Of mensen die in onzekerheid leven door verlies van inkomsten. Daarnaast zijn er een aantal specifieke doelgroepen die makkelijk meer alcohol kunnen gaan gebruiken. Dat betreft mensen met angst-, depressieve- of stress-gerelateerde psychische klachten, mensen die in herstel zijn van een stoornis in het gebruik van alcohol, en mensen in cruciale beroepen in de zorgsector.

Thuisgebruik leidt tot meer huiselijk geweld

Het lijkt erop dat er gemiddeld gezien niet meer alcohol gebruikt wordt omdat de horeca deels niet altijd toegankelijk was. Uit cijfers van het Voedingscentrum uit april bleek dat tijdens de eerste lockdown het merendeel van de mensen evenveel (77%) of minder (17%) alcohol kocht voor thuisgebruik. Een kleine groep (6%) kocht meer alcohol. Thuisgebruik is geassocieerd met een verhoogd risico op huiselijk geweld. Ook is de kans groter dat kinderen gaan drinken als hun ouders (meer) thuis gaan drinken (verkeerde voorbeeld geven) en is het aannemelijk dat er meer kinderen en partners van drinkers slachtoffer worden van huiselijk geweld. Een ander negatief effect van de pandemie is dat face-to-face alcoholpreventie in de school- wijk-, werk- en zorgsetting (tijdelijk) niet altijd mogelijk is geweest. Hierdoor kan het zijn dat bepaalde kwetsbare groepen al dan niet gedeeltelijk en/of tijdelijk uit beeld van de hulpverlening zijn verdwenen. Een positief effect is dat er in de periode van 15 maart tot 1 juni 2020 naar verwachting minder slachtoffers zijn geweest van vandalisme, geweld op straat en verkeersongevallen waar alcohol in het spel was.